5 juli

Mozes wordt gevonden tussen het riet van de Nijl door de dochter van Farao – Alam Tadema
(1836-1912)

Zondag 5 juli – 5e na Pinksteren

Farao zegt dat vroedvrouwen pas geboren Hebreeuwse jongetjes moeten doden. Machtsmisbruik kan rekenen op burgerlijke ongehoorzaamheid: Siffra en Pua piekeren er niet over! Zijn zij ‘Hebreeuws’ of ‘Egyptisch’? In de tekst kan het allebei. Ik houd het op ‘Egyptisch’. Hún verzet tegen het ‘misdrijf tegen de menselijkheid’ wordt er gróter van. Farao’s hekel groeit ook: ook pas geboren Egyptische jongetjes moeten worden gedood. Mozes wordt door zijn moeder in het riet van de Nijl gezet. In een mandje met een deksel. Dat arkje, G’ds levensteken, dobbert bovenop de brede, machtige Nijl, het Egyptische levensteken. Hoe zo vluchtelingen in gammele bootjes in zee? Welk teken gaat hier ‘winnen’? De dochter van Farao vindt het jongetje. Hij groeit op als Egyptische prins, wel gezoogd door zijn, ijlings ingehuurde, eigen moeder. Wordt vervolgd. A.W.

logo-website