Epifanie deel 2
Zo kort na Kerst: Jezus komt aan het licht. Alsof die kerkelijke kalender zegt: niet te lang boven die wieg blijven kirren, het is schitterend, zo’n wonder van een pas geboren kind, maar daar drááit het nu eenmaal niet om!
Maria heeft deze zoon Joshua, Jozua, Jezus, moeten noemen. Haar zoon wordt ‘vernoemd’ naar de Jozua’s uit het Oude Testament. ‘De Heer redt’ betekent die naam. Er was een tijd dat het DNA niet bestond. Maar het was toen, net als vroeger bij ons, belangrijk ‘van wie je er een was’. Daar zijn we vanaf gestapt. Namen zijn nu aan ‘mode’ onderhevig.
Van 2011 moet de top50-lijst van meest populaire jongens- en meisjesnamen nog gemaakt worden. Maar bij de jongens lijkt ‘Levi’ (‘aanhankelijkheid’) een goede kans te maken, bij de meisjes ‘Noa(ch)’ (‘rust, troost’). Allebei hebben ze een bijbelse achtergrond. Klinkt er boven de wieg nu een regelrecht ‘bevel’, om te moeten worden wat je naam betekent? Het is andersom: de betekenis van de naam lijkt op een belofte die je hele leven meegaat, van begin tot het eind. Het geven van zo’n naam lijkt op een gebed. Als ze zelf hadden moeten kiezen, Maria en Jozef, zou Jezus dan ook zijn vernoemd? Vast en zeker. Maar zij zouden misschien te bescheiden zijn geweest om te durven komen met ‘De Heer redt’. De engel Gabriël gaat van Godswege voor alles tegelijk!
Op Epifanie geeft Jezus aan ons meteen maar het héle Oude Testament, terwijl het Nieuwe gaat ‘geschieden’.
Wat dat laatste betreft: Jezus zal de belofte van zijn naam hárd nodig hebben èn die ook nog zélf waar maken!
A.W.