Protestantse Gemeente Westervoort

Beeldmerk van Trefcentrum de Nieuwbeek te Aalst

tweede Paasdag
De herinneringen aan wie overleden zijn naderen ons van achteren. Zoals Jezus deed in de tuin, aan Maria. Dat gedenken is als twee handen in de rug die komen van G’d om ons overeind te houden als rouwen veel te zwaar wordt. Zelfs als we razend zijn over de ingetreden dood, zelfs als we G’d uit zijn hemel vloeken. G’ds handen blijven steunen, licht, doorzichtig, maar oersterk, want dat is Pasen. Zo heeft Jezus de grote onderwijzing, de Tora, uitgelegd, geïnterpreteerd. Laat je niks wijsmaken, geloof tegen alle klippen op in Leven! Niet dóód zul je zijn terwijl je leeft, en ook niet al ben je gestorven. En als het léven écht te zwaar geworden is? Dan nog schrijft G’d je naam in de palm van zijn hand. Wordt vervolgd, A.W.

Maria Magdalena en Jezus ‘Nol mi tangere’- 1514 ‘Raak me niet aan’ Titiaan ( 1487-1576)

eerste Paasdag
De oude Jacob gaat op reis richting Egypte. De zonen hebben verteld dat Jozef nog leeft. Aan de grens omhelst de een de ander. De bijbel vertelt niet wie wie ‘tot leven’ kust. De tot Egyptische prins uitgegroeide Jozef is al die jaren zonder Jacob even ‘dood’ geweest als de oude Jacob die rouwde om zijn door een wild beest opgegeten lievelingszoon. Ze omhelzen elkaar het nieuwe leven in: opstandingsleven! Maria van Magdela dwaalt schreiend door de tuin. Dan klinkt haar naam ‘Maria’ als een kus. Zij keert zich om en antwoordt zonder na te denken: ‘Rabboeni!’. Vóór haar staat die áchter haar stond: ‘opstandingsleven’, de leraar die in alle verhalen tot en met zijn dood de Eeuwige ‘leerde’: mens, hoor àchterom de toekomst tegemoet! Wordt vervolgd. A.W.